Bij de omzetting van vaste biomassa naar energie komen diverse technieken om de hoek kijken. Doorgaans zijn er eerst een aantal noodzakelijke voorbehandelingen zoals verkleinen, verdichten, en drogen. De voorbehandeling is nodig om transport en opslag te vereenvoudigen, maar ook om het rendement van de uiteindelijke energieomzetting te verbeteren. Deze fysische processen (versnipperen, verhakselen en drogen) vergen doorgaans geen zware investeringen. In sommige gevallen zijn er wel speciale installaties nodig of wordt de biomassa voorbehandeld aangekocht, in de vorm van bvb. pellets (samengeperste brokjes hout) of briketten.
Thermochemische processen (verbranden, vergassen, pyrolyse) zorgen daarna ofwel voor rechtstreekse energievoorziening, ofwel voor stockeerbare tussenproducten die op hun beurt verbrand moeten worden voor de eigenlijke energielevering. Voor deze processen is een aangepaste installatie nodig. De markt biedt al verschillende types van verbrandings- en vergassingsovens; sommige nieuwere technieken (bijv. pyrolyse) zijn nog niet commercieel beschikbaar.
Voor de omzetting naar bruikbare warmte kan gekozen worden voor overdracht naar water, olie of lucht via een ketel met warmtewisselaar.
Omzetting naar elektriciteit, waardoor niet alleen bruikbare warmte maar ook kracht wordt geproduceerd, is mogelijk via een warmte-krachtkoppeling installatie.





