Nieuwsbrief

Nieuwsbrief
  1. Ongeldige invoer
  2. Ongeldige invoer
  3. Ongeldige invoer
  4. Beveiligingscode Ongeldige invoer

 

 

WNVL logo VL 143x80 dpi zondertekst

ODE header nieuw

Windenergie rondt kaap van 1000 MW

donderdag, 15 juni 2017 09:19

Windenergie rondt kaap van 1000 MW

 

Brussel, 15 juni 2017 – Vandaag viert de windsector wereldwijd de Dag van de Wind. In Vlaanderen rondt windenergie een belangrijke symbolische kaap: de Vlaamse Windenergie Associatie VWEA zet met al haar leden het bereiken van 1000 megawatt windenergie in Vlaanderen in de kijker en wil hierbij ook de beleidsmakers bedanken. De windsector kijkt hierbij ook uit naar de toekomst: VWEA stelt een concrete doelstelling van 2500 MW windenergie in 2030 voorop.

De windsector werkt sinds 2000 binnen een beleidskader dat de Vlaamse regering toen uittekende. “Dit beleid werkt, gezien we 1000 MW aan windenergieprojecten realiseren”, stelt VWEA-directeur Bart Bode vast. “Deze 1000 MW windenergie produceren elektriciteit voor 650.000 gezinnen en vermijden de uitstoot van bijna 1,4 miljoen ton CO2 per jaar.” Windenergie levert daarmee een grote bijdrage aan de binnenlandse energievoorziening en blijkt een effectief middel tegen de klimaatopwarming. De bedrijven in de Vlaamse windsector leveren bovendien een zeer belangrijke bijdrage aan de Vlaamse economie door lokale investeringen van meer dan anderhalf miljard Euro en jobcreatie voor meer dan 6000 mensen.

VWEA wil hierbij de betrokken ministers – ook deze uit vorige regeringen – en ambtenaren uitdrukkelijk bedanken voor het mee mogelijk maken en uitdragen van dit Vlaams beleid. Minister Bart Tommelein is in feite de eerste minister die luidop en consequent aan de bevolking zegt dat de energietransitie er is en dat ze gevolgen heeft voor iedereen: je moet zonnepanelen installeren; er moeten windturbines bijkomen. Minister Schauvliege heeft op een  consequente en vaak ook moedige wijze effectief beslist over vergunningsdossiers. Waardoor het klimaatbeleid niet alleen woord bleef, maar ook omgezet werd in daden. Het is enorm belangrijk dat politici het beslist beleid ook daadwerkelijk uitleggen aan het publiek. Wij willen onze beleidsmensen daarvoor heel uitdrukkelijk bedanken, stelt VWEA.

Het bereiken van 1000 MW aan windprojecten in Vlaanderen was echter niet eenvoudig. Doorlooptijden van 2 tot 4 jaar voor een windproject zijn niet uitzonderlijk. Elk project moet een voortdurend hogere administratieve berg over om de nodige vergunningen te bekomen. “Deze 1000 MW is dan ook te beschouwen als een symbool voor de volharding van de leden van VWEA, die er ondanks alle hindernissen in slaagden om dit in Vlaanderen te realiseren”, vindt Bart Bode.

Ondertussen groeit ook de participatie van omwonenden in windparken. Het draagvlak voor windenergie in Vlaanderen is altijd zeer groot geweest, maar dit vertaalt zich nu meer en meer in een grotere betrokkenheid bij en een financiële participatie in een windproject. Ook gemeenten nemen in een aantal gevallen financieel deel in een windpark. VWEA vindt de betrokkenheid van omwonenden een belangrijke zaak. Bart Bode: “De leden besteden hier bijzonder veel zorg en aandacht aan, wat het lokale draagvlak versterkt.”

VWEA kijkt vooral ook naar de toekomst. We staan nog maar aan het begin van de energieomslag. Windenergie moet en zal in Vlaanderen verder groeien. Daarom vraagt VWEA dat de Vlaamse regering een concrete doelstelling voor wind voor 2030 identificeert, want die trekt bijkomende investeringen aan. VWEA stelt zelf een doelstelling van 2500 MW in 2030 voorop.

IMG -ih1w0i

Vlaams minister van Energie Bart Tommelein: “Dat we de kaap van 1.000 MW windenergie ronden is goed nieuws! Er is in Vlaanderen bovendien nog voldoende ruimte om nieuwe windturbines te bouwen: denken we maar aan havens, bedrijventerreinen, langs autowegen of nabij luchthavens. Door de technische evolutie krijgen de windmolens ook een steeds groter vermogen. En alsmaar meer burgers investeren mee. Windenergie lijkt dus in een stroomversnelling te komen en dat kan ik alleen maar toejuichen.”

 

afbeedling winddag

De vandaag door de Vlaamse regering goedgekeurde energievisie heeft de juiste algemene insteek. “De hernieuwbare energiesector kijkt uit naar de verdere concretisering”, reageert Bram Claeys, Algemeen directeur van de Organisatie Duurzame Energie. ODE is tevreden dat de Vlaamse regering zich baseerde op de input die ze kreeg van de in de Stroomversnelling verzamelde energiestakeholders. ODE vraagt de regering zich nu te concentreren op het identificeren van meer concrete doelstellingen en het hervormen van de energiemarkt zodat die klaar is voor de overgang naar 100% hernieuwbare energie.

ODE werkte actief mee aan de consensus aanbevelingen van de Stroomversnelling en trok de werkgroep hernieuwbare energie. In vergelijking met de andere gewesten volgde Vlaanderen hier een veel beter op maatschappelijk overleg gebaseerd voortraject. “Niettegenstaande de discussies verre van altijd evident waren, staan wij klaar in de volgende fase de concretisering van de visie in doelen en plannen mee te ondersteunen”, stelt Bram Claeys.

Concreet vraagt de sector van de Vlaamse hernieuwbare energiebedrijven om werk te maken van een concrete becijferde doelstelling voor hernieuwbare energie tegen 2030 die in lijn ligt met een overgang naar 100% hernieuwbare energie op langere termijn. Verder steunt de sector de regering in haar voornemen om de energiemarkt en de netten te hervormen zodat ze meer decentrale en hernieuwbare energie aankunnen. Een praktisch voorbeeld: de stookolie- en aardgasprijzen zijn nu kunstmatig in het nadeel van hernieuwbare warmte. De Vlaamse regering kan geschiedenis schrijven door de lasten van elektriciteit te verschuiven naar fossiele brandstoffen, zoals de Stroomversnelling aanraadde.

Zonnekaart stimulans voor groei PV

maandag, 20 maart 2017 11:09

Zonnekaart stimulans voor groei PV

De Organisatie voor Duurzame Energie (ODE) en Fedelec verwelkomen de Zonnekaart die minister Tommelein vandaag lanceerde. Het is een tool die drempelverlagend kan werken. Al blijft de expertise van een professioneel installateur nog altijd onvervangbaar.

Voor elk van de 2,5 miljoen daken in Vlaanderen brengt de zonnekaart het potentieel voor zonnepanelen in kaart. Een toegankelijke online toepassing kan meer mensen stimuleren om zonnepanelen te installeren. Bram Claeys, Algemeen Directeur van ODE: “De zonnekaart kan drempelverlagend werken omdat die op een eenvoudige manier een indicatie geeft over het rendement van een PV installatie”. ODE en Fedelec verwelkomen dergelijke positieve maatregelen voor zonnepanelen die de marktgroei doen stijgen en ons dichter brengen bij het behalen van de klimaatdoelstellingen.

Tegelijk benadrukken de federaties dat de expertise van een professionele installateur onmisbaar is om de geschiktheid van het dak en potentiële opbrengst voor PV te bepalen. De zonnekaart baseert zich op meetopnames van 2013 tot 2015en kan een eerste aanwijzing geven over de geschiktheid van het dak. Kris Van Dingenen onderlijnt dan ook: “Voor een nauwkeurige en correcte beoordeling moet een professionele installateur ter plaatse komen die alle factoren in rekening brengt”.

Vandaag beperkt de terugdraaiende teller de dimensionering van PV systemen op het lokale verbruik. Iemand heeft er immers geen baat bij een groter PV systeem te installeren dan nodig voor het eigen verbruik. Als daardoor dakoppervlak onbenut blijft, is dat eigenlijk een verspilling van dakoppervlak. Eens de digitale meters uitgerold en een slim elektriciteitstarief van kracht is, kan de zonnekaart een handig hulpmiddel zijn om de geschikte dakoppervlaktes maximaal te benutten.

De organisaties dringen er bij de minister op aan om nu ook snel werk te maken van de andere aangekondigde acties uit het zonneplan. Het wegwerken van drempels voor zonnedelen en extra inspanningen om PV-installaties bij bedrijven te stimuleren zijn noodzakelijk om de ambitieuze PV doelstellingen te bereiken.

De Organisatie voor Duurzame Energie (ODE) en Fedelec zien de gefaseerde uitrol van de slimme digitale meter als een kans voor eigenaars van zonnepanelen of warmtepompen. De digitale meter kan het mogelijk maken om op het net geïnjecteerde zonnestroom beter te valoriseren en zo ook geschikte dakoppervlaktes maximaal te benutten. Warmtepompen kunnen dan weer hun diensten aanbieden om elektriciteitspieken af te vlakken door tijdelijk aan een lager vermogen te werken of zelfs uit te schakelen. Dit kan zonder comfortverlies door eerder opgeslagen warmte uit een buffervat te halen.

De federaties ODE en Fedelec drongen aan op garanties dat de rendabiliteit die zonne-energie installaties halen uit het systeem van de terugdraaiende teller gegarandeerd blijft. De regering heeft hier gevolg aan gegeven door de compensatie door de terugdraaiende teller te garanderen voor 15 jaar. Nieuwe installaties met een digitale meter zullen een gelijkwaardige compensatie krijgen. De beslissing van de Vlaamse regering bewaakt op die manier de rechten van de eigenaars van zonnepanelen en creëert tegelijk kansen voor batterijopslag.

Bram Claeys, Algemeen Directeur van ODE concludeert dan ook: “Zonnepanelen installeren blijft op basis van deze beslissing een verstandige investering. Wij zien hier een gezonde basis voor blijvende gestage groei van de sector.” Hij vraagt minister Tommelein verder om de invoering van de slimme meter te koppelen aan een nieuw toekomstgericht elektriciteitstarief, dat eigenaars van zonnepanelen correct vergoedt voor elektriciteit, flexibiliteit en diensten aan de netbeheerder.

De terugdraaiende teller zorgt vandaag dat kleine zonne-energie (PV) installaties zonder bijkomende subsidies rendabel zijn. De slimme meter invoeren is een logische stap naar een toekomstgericht energiesysteem. ODE en Fedelec dringen daarbij wel aan op een gefaseerde uitrol, van een eenvoudige digitale meter zodat de kosten voor de consument onder controle kunnen blijven.

Kris Van Dingenen, adjunct-directeur van Fedelec: “Het ligt voor de hand om de uitrol van de slimme meters te starten bij bepaalde specifieke doelgroepen, zoals gezinnen met zonnepanelen, batterijopslag, warmtepompen of elektrische voertuigen. Stuurbare elektrische verbruikers zijn immers cruciaal in het toekomstige energienet.”

Vandaag beperkt de terugdraaiende teller de dimensionering van PV systemen op het lokale verbruik. Iemand heeft er immers geen baat bij een groter PV systeem te installeren dan nodig voor het eigen verbruik. Als daardoor dakoppervlak onbenut blijft, is dat eigenlijk een verspilling van dakoppervlak. Een slim tarief dat ook het delen van extra zonnestroom met buren mogelijk maakt kan dit euvel verhelpen. Dit brengt zonne-energie bovendien binnen bereik van gezinnen zonder geschikt dak of met beperktere financiële middelen.

In 2016 leveren 52 nieuwe windturbines groene stroom aan het net in Vlaanderen , samen goed voor 133 MW. Het totaal geïnstalleerd vermogen aan windenergie bedraagt nu 922 MW, t.o.v. 808 MW eind 2015. Daarnaast is er nog 143 MW in aanbouw. Opvallend is dat 92 % van de nieuwe projecten in 2016 op haven- en industrieterreinen werden gerealiseerd. En nog markanter is dat West-Vlaanderen als meest windrijke provincie met slechts vijf nieuwe turbines zwaar achterop hinkt.

In 2016 werden 23 van de 25 nieuwe windparken op haven- en industriegronden gebouwd. Dit geeft aan dat vele bedrijven de noodzaak van windenergie voor hun stroomvoorziening inzien. “Het is een goede zaak dat windturbines ook dicht bij de consumenten worden gerealiseerd”, zegt VWEA directeur Bart Bode. “Dit geeft immers kansen op vraagsturing en opslag, wat voor de bedrijven een bijkomende economische bonus kan betekenen.”

Bij de 143 MW die reeds in aanbouw is (maar nog niet aangesloten op het net) zien we een meer gemengd beeld. Naast de verdere ontwikkeling in haven- en industriegebieden, worden ook windturbines gebouwd langs autowegen en kanalen, om zo aan te sluiten bij bestaande lijninfrastructuur.

Opvallend is dat de verdere ontwikkeling in de meest windrijke provincie West-Vlaanderen achterop hinkt. In 2016 kwamen er slechts 5 windturbines bij. “Twee daarvan zijn dan nog ter vervanging van oude, kleinere turbines” stelt Bart Bode vast. Bij de windturbines in aanbouw valt er geen enkele te noteren in de kustprovincie. Er moet snel een oplossing komen voor de onnodige beperkingen die door de radars van Koksijde, Oostende en Jabbeke worden opgelegd. “Ook de haven van Zeebrugge moet dringend een ambitieus windbeleid uittekenen”, vindt VWEA. Dit ligt trouwens in lijn met wat de Vlaamse regering uittekent in haar conceptnota Windkracht 2020.

Ondanks de goede intenties van dit initiatief van de Vlaamse regering, vreest VWEA dat er op een sluipende wijze bijkomende hindernissen voor het plaatsen van nieuwe windparken worden gecreëerd. “Wij willen rekening houden met b.v. natuureisen, maar deze moeten redelijk blijven. Daarom is het belangrijk dat hindernissen effectief worden weggewerkt en geen bijkomende obstakels worden geschapen”, zegt Bart Bode.

figuur 1 persbericht VWEA 281216

figuur 2 persbericht VWEA 281216

Brussel, 16 december 2016 – De Vlaamse Windenergie Associatie VWEA verwelkomt het initiatief rond windenergie dat vandaag door de Vlaamse regering werd goedgekeurd. Dit initiatief bevat kansen om de doelstellingen 2020 te halen en ambitieus naar de toekomst te kijken. Tegelijk waarschuwt de windenergiesector voor bijkomende belemmeringen, die via sluipende besluitvorming nieuwe voorwaarden opleggen voor windparken.
VWEA verwelkomt het initiatief van de Vlaamse regering om werk te maken van windenergie in Vlaanderen. “Wij zijn vragende partij om een ambitieus windplan in Vlaanderen mee uit te werken en onze expertise daarbij volop te valoriseren”, stelt VWEA directeur Bart Bode. Windenergie zorgt in Vlaanderen mee voor schone, lokaal opgewekte energie en voor bijkomende jobcreatie.

In de conceptnota Windkracht 2020 wil de Vlaamse regering lokale besturen ook responsabiliseren bij het halen van de winddoelstellingen. VWEA vindt het een goede zaak dat provincies en gemeenten aangezet worden om hun verantwoordelijkheid te nemen. De sector vraagt echter erover te waken dat dit niet leidt tot bijkomende eisen van de lokale besturen. “Provinciale planningsinitiatieven zorgden tot nu toe enkel voor vertraging en versnippering en dat moet absoluut vermeden worden”, stelt VWEA. Bovendien moeten de provinciale verdeling van deze doelstellingen binnen een strak tijdskader vastgelegd worden, om een herhaling van jarenlange discussies, zoals bij de lastenverdeling in België, te vermijden.

Tegelijk stelt de sector vast, dat ondanks de goede wil van de Vlaamse regering, er op een sluipende wijze bijkomende hindernissen voor het plaatsen van windparken worden gecreëerd. “Wij willen rekening houden met natuureisen, maar deze moeten redelijk blijven. Daarom is het belangrijk dat binnen dit initiatief hindernissen effectief worden weggewerkt en geen bijkomende obstakels worden geschapen”, zegt Bart Bode.

VWEA kijkt ernaar uit om betrokken te worden bij de verdere uitwerking van de conceptnota en biedt zijn expertise aan om op de diverse terreinen met de betrokken instanties te werken aan snelle oplossingen. Daarbij moeten in eerste instantie de reeds gemelde knelpunten aangepakt worden alvorens nieuwe initiatieven op te starten.

Slimme meter moet beter zijn voor zonnepanelen

donderdag, 08 december 2016 10:11

De Organisatie voor Duurzame Energie (ODE) en Fedelec zijn voor de gefaseerde vervanging van de terugdraaiende door een slimme meter bij eigenaars van zonnepanelen. Die kan het mogelijk maken om de op het net geïnjecteerde zonnestroom beter te valoriseren en zo ook geschikte dakoppervlaktes maximaal te benutten. Dit zal ook het vandaag geldende “prosumententarief” voor zonnepanelen overbodig maken, waardoor de eindsom voor de zonneconsument positief blijft.

De terugdraaiende teller zorgt vandaag dat kleine zonne-energie (PV) installaties zonder bijkomende subsidies rendabel zijn. De slimme meter invoeren is een logische stap naar een toekomstgericht energiesysteem. Bram Claeys, algemeen directeur van ODE: “Wij vragen minister Tommelein om de invoering van de slimme meter te koppelen aan een nieuw toekomstgericht elektriciteitstarief, dat eigenaars van zonnepanelen correct vergoedt voor elektriciteit, flexibiliteit en diensten aan de netbeheerder.”

Kris Van Dingenen, adjunct-directeur van Fedelec: “Het ligt voor de hand om de uitrol van de slimme meters te starten bij bepaalde specifieke doelgroepen, zoals gezinnen met zonnepanelen, warmtepompen of elektrische voertuigen. Stuurbare elektrische verbruikers zijn immers cruciaal in het toekomstige energienet.”

Vandaag beperkt de terugdraaiende teller de dimensionering van PV systemen op het lokale verbruik. Iemand heeft er immers geen baat bij een groter PV systeem te installeren dan nodig voor het eigen verbruik. Als daardoor dakoppervlak onbenut blijft, is dat eigenlijk een verspilling van dakoppervlak. Een slim tarief dat ook het delen van extra zonnestroom met buren mogelijk maakt kan dit euvel verhelpen.

Parallel aan de discussie over de slimme meter bestudeert de Vlaamse regulator de VREG de invoering van een nieuw distributietarief. De eerste ontwerpen waren alles behalve toekomstgericht. ODE en Fedelec drongen er bij de VREG op aan een intelligent tarief te ontwerpen en dit te koppelen aan de invoering van de slimme meter. Het heeft geen zin die gesprekken los van elkaar te voeren. Een slimme meter zonder een slim energiesysteem is een domme meter.

Het eenvoudigweg afschaffen van de terugdraaiende teller zou een stap terug zijn. Vandaag is de Vlaamse PV markt uit het dal aan het kruipen, en we hebben juist meer zonnestroom nodig om de Vlaamse hernieuwbare energiedoelstellingen te halen.

Over ODE:

ODE, de Organisatie Duurzame Energie is de sectororganisatie voor duurzame energie in Vlaanderen. ODE brengt meer dan 200 bedrijven, kenniscentra, universiteiten en organisaties samen in technologieplatformen en werkgroepen, om kennis uit te wisselen en aan belangenbehartiging te doen. ODE is de belangrijkste stakeholder inzake hernieuwbare energie voor de betrokken overheden.

www.ode.be

Over Fedelec:

Fedelec is sinds jaren de meest representatieve beroepsfederatie voor elektrotechnische ondernemers in heel België. Fedelec verenigt nu ongeveer 1.500 ondernemingen: zelfstandigen, KMO’s en grote ondernemingen, actief op alle gebieden van de installatietechniek. De werking berust op een sterke nationale structuur, 13 lokale afdelingen, Sectorcomités, Werkgroepen en een geïntegreerde samenwerking met de koepelorganisatie Confederatie Bouw (nationaal, regionaal en lokaal).

www.fedelec.be

Brussel, 22 november 2016 – De Vlaamse Windenergie Associatie VWEA verwelkomt de resultaten van het nieuwe onderzoek door VEA, dat het draagvlak voor windenergie in Vlaanderen bevestigt. De VWEA leden leveren zelf, ter bevordering van het lokale draagvlak, heel wat inspanningen inzake correcte informatie voor omwonenden en bieden ook diverse vormen van participatie aan.

Windenergie is één van de belangrijkste bronnen van elektriciteitsproductie bij de uitbouw van een eigen meer energie-onafhankelijk en duurzaam Vlaanderen. VWEA apprecieert het dat de Vlaamse regering doelbewust en positief inzet op windenergie in het kader van de energie-omslag en kijkt uit naar het Windplan 2020. Uit het meest recente onderzoek[1] van het Vlaams Energieagentschap blijkt dat het draagvlak voor windenergie in Vlaanderen ook zeer ruim is. Daarom is het cruciaal dat lokale besturen dit mee uitdragen.

Correcte informatie voor omwonenden windenergieprojecten

“Uit eerder onderzoek[2] blijkt dat informatie de hoeksteen voor een lokaal draagvlak van windenergieprojecten is”, aldus VWEA directeur Bart Bode. “Omwonenden hebben vooral nood aan correcte informatie over het project in hun buurt.” De VWEA leden leveren hier heel veel inspanningen rond.

Naast informatie is er ook de vraag tot participatie. De VWEA leden besteden op vandaag reeds bijzonder veel zorg aan informatie en bieden ook met succes verschillende formules van participatie aan. In de toekomst geven zij hier verder prioriteit aan om zo bij te dragen tot het lokaal draagvlak.

Meer steun van lokale besturen voor beslist Vlaams windenergiebeleid

Naast de eigen inspanningen om de omwonenden te informeren, roept VWEA beleidsverantwoordelijken op alle niveaus, en in het bijzonder lokale mandatarissen, op om het Vlaams beleid inzake windenergie mee te vertalen in de versterking van een lokaal draagvlak.

Uit een bevraging van VWEA bij haar leden bleek dat in de periode 2010 tot medio 2015, lokale besturen het vaakst beroepsprocedures opstarten tegen afgeleverde bouwvergunningen. De sector rekent in de toekomst op een correcte en verantwoordelijke houding van lokale besturen om hun burgers op objectieve wijze te informeren over het Vlaams windbeleid en zo het lokaal draagvlak maximaal te versterken. “We waarderen enorm dat de Vlaamse regering voluit inzet op windenergie. Daarom is het belangrijk dat die positieve ingesteldheid ook op lokaal niveau uitgedragen wordt,” zegt Bart Bode.



De Organisatie voor Duurzame Energie (ODE), de federatie van elektrotechnische ondernemers (Fedelec) en de federatie van installateurs van centrale verwarming en sanitair (ICS) slaan de handen in elkaar. De drie organisaties starten een structurele samenwerking voor een duurzaam Vlaams en Belgisch energiebeleid dat optimaal inzet op PV en warmtepompen.

De drie organisaties zullen samen standpunten, visies en dossiers uitwerken en de PV en warmtepompsector vertegenwoordigen. Ze zullen ook gezamenlijke activiteiten organiseren. Concreet ondertekenden de drie organisaties een samenwerkingsovereenkomst, die toelaat een nieuwe beleidsmedewerker aan te werven bij ODE in functie van de samenwerking. Op 19 september startte Jozefien Vanbecelaere als nieuwe beleidsmedewerker PV en warmtepompen. Jozefien bouwde ruime ervaring op met het coördineren van een beroepsfederatie bij “Friends of the Supergrid”.

Bram Claeys van ODE ziet de samenwerking als een belangrijke kans: “PV en warmtepompen zijn prachtige complementaire technologieën met een groot potentieel in Vlaanderen. Door de samenwerking kunnen we het economisch en energiebelang van deze sector efficiënter verdedigen en zo hun potentieel in realiteit omzetten.” Om de Vlaamse 2020 hernieuwbare energiedoelstellingen te halen zullen we beide technologieën keihard nodig hebben.

Kris Van Dingenen van Fedelec vult aan: “De samenwerking realiseert een meer gecoördineerde aanpak. De verhoging van efficiëntie zal niet alleen resulteren in een betere verdediging van de sector, maar ook in een meer kwalitatieve service voor de installateurs. De leden-installateurs worden betrokken via het “Sectorcomité FotovoltaIsche installaties” en het “Sectorcomité Warmtepompen”.

“Deze samenwerking is inderdaad een belangrijke en logische stap in de verdere uitbouw en ontwikkeling van een federatie van speciale technieken. De zinvolheid bestaat enerzijds uit de meerwaarde die kan gerealiseerd worden voor de leden van de verschillende organisaties afzonderlijk en anderzijds uit de strategische positionering die zo kan ingenomen worden binnen het Vlaams hernieuwbaar energielandschap.” besluit Jan Lhoëst.

Minister van Energie Bart Tommelein reikte op donderdag 20 oktober de eerste editie van de Joule Prijs voor Duurzame Energie uit aan Jef Colruyt, voor Colruyt Groep. ODE Vlaanderen erkent met deze prijs een individu, organisatie of bedrijf die het verschil maakt voor duurzame hernieuwbare energie in Vlaanderen.

Hernieuwbare energie staat wereldwijd op een kantelpunt. Investeringskosten dalen en het aantal projecten neemt pijlsnel toe, maar tegelijk doet hernieuwbare energie het bestaand systeem kraken in zijn voegen. Bram Claeys, Algemeen Directeur van ODE: “Individuele inspanningen van burgers, bedrijven of organisaties zullen beslissen of hernieuwbare energie doorstoot en domineert, dan wel of hernieuwbare energie gewoon een plaatsje inneemt naast fossiele en nucleaire energie.”

De Joule jury over haar keuze voor Colruyt als winnaar van de eerste editie: “Voor Jef Colruyt en de Colruyt Groep is aandacht voor duurzaamheid en hernieuwbare energie een tweede natuur. Ze tonen in hun hele bedrijfsproces dat dit kan in alle sectoren, zelfs in de retail. Colruyt is een positieve trendsetter en verlegt zo grenzen voor de hele Vlaamse bedrijfswereld.”

Bij deze eerste editie van de Joule prijs blikt ODE ook terug naar de beginjaren. De indrukwekkende inspanningen door Vlaamse hernieuwbare energie pioniers verdient de erkenning van alle bedrijven die vandaag actief zijn in de hernieuwbare energie sector. Een tweede ODE prijs voor Pioniers van Duurzame Energie gaat dan ook naar Reinilde Willems, weduwe van stichtend lid Jan Daneels en drijvende kracht van ODE, in naam van alle pioniers uit de beginjaren van de Vlaamse duurzame energie.

Bart Tommelein, Vlaams Minister van Energie: “Al 20 jaar lang verricht ODE Vlaanderen pionierswerk rond duurzame initiatieven. Vandaag blikken we terug op de voorbije 20 jaar maar kijken we vooral ook naar de toekomst. We staan immers voor een transitie waarin ons oude energiesysteem aan vervanging toe is door een systeem op basis van hernieuwbare energie. We laten het verleden achter ons en gaan met nieuwe energie de toekomst tegemoet.”

De prijsuitreiking is de afsluiter van de viering van 20 jaar ODE. In het Vlaams parlement verzamelt ODE de Vlaamse en Belgische energiewereld om te ontdekken hoe ver de realiteit vandaag ODE’s voorspelling uit 1996 over de evolutie van hernieuwbare energie in Vlaanderen overtreft - vooral om zo met een helder hoofd de toekomst tegemoet te stappen.

Pagina 1 van 6