• Today torrents
  • Nieuwsbrief

    Nieuwsbrief
    1. Ongeldige invoer
    2. Ongeldige invoer
    3. Ongeldige invoer
    4. Beveiligingscode Ongeldige invoer

     

     

    WNVL logo VL 143x80 dpi zondertekst

    ODE header nieuw

     

    VERHUIS

    dinsdag, 28 november 2017 12:18

    Toen we net gehuwd waren – dat was toen namelijk in de mode – woonden we in wat doorgaans een arbeidswoning wordt genoemd. Je weet wel: twee plaatsjes, een keuken en een kot, een koertje en een tuintje. Het leuke was dat het huisje aan het Brugse voetbalstadion lag, waarbij op zondag (of zaterdagavond of woensdagavond) de ruiten trilden (het was nog enkel glas) als er gejuicht werd voor een doelpunt. We konden mee genieten van de aroma’s van het worstenkraam dat net voor de deur werd neer gestald, van de sfeer rondom het gebeuren (zolang dat niet gepaard ging met supportersgeweld), van de stroom mensen die wees naar waar het te gebeuren stond en die je het gevoel gaven dat je er bij moest zijn. Het was toen doorgaans nog een vredig, volks evenement en je kon het stadion bij de aanvang van de tweede helft zelfs gratis binnenwandelen om er een staanplaatsje zoeken.

    Naast dit onbetaalbare voordeel, was zowat alles in het huisje binnen handbereik. Gezeten aan de keukentafel konden we in de kast en de koelkast en konden we na afloop van de maaltijd de vaat zo op het aanrecht zetten. Tot daar de romantiek van het gebouw (de overige romantiek behoort geheel tot de privésfeer en daar heeft u dus, hoe nieuwsgierig u ook zou kunnen zijn, in het geheel geen zaken mee). Van de eigenaar kregen we jaarlijks 100 Belgische frank (u leest het wel degelijk correct) om het houtwerk buiten te schilderen. In de drie jaar dat we er woonden heb ik daarmee telkens twee ramen kunnen doen. In het tuintje hadden we kippen gekweekt, die we daarna amper durfden slachten omdat er een persoonlijke band was gegroeid tussen ons en de hoenders, zodat we ons éénmaal per week afvroegen of we nu Marietje of Zenobie aan het opeten waren. We hadden er, ondanks de zandgrond, zelfs een moestuintje, waarvan we de karige opbrengst niet mochten opeten omdat er dat jaar een ramp was gebeurd in Tsjernobyl en de weerman (ja, nog altijd dezelfde Frank) ons ten stelligste afraadde om de schamele productie in persoonlijke consumptie om te zetten.

    We verwarmden ons – ik durf het haast niet te zeggen, maar ja, iedereen heeft een jeugdzonde – met steenkool en er was ook een Leuvense stoof, waar een bezoekster eens de helft van haar sokken heeft laten aan kleven, omdat ze haar koude voeten wou warmen.

    Soms passeer ik nog eens langs dat huisje. Het is ondertussen niet langer een huurhuis en de nieuwe eigenaars hebben er een mooi geveltje van gemaakt – vermoedelijk degelijk geïsoleerd – en zijn er mooie ramen met dubbel glas en wordt het hopelijk verwarmd op een meer duurzame wijze. En dan heb ik even heimwee, maar dat gaat snel over, want het blijft wel erg klein en het tuintje zal wellicht nog grotendeels een zandbodem zijn en Marietje en Zenobie zijn toch dood en opgegeten.

    Na drie jaar zijn we dan verhuisd naar een eigen woning, waar we in de loop der jaren het dak en de muren geïsoleerd hebben, nieuwe ramen met dubbel glas aanbrachten, koterijen hebben afgebroken en – noblesse oblige – zonnepanelen en een zonneboiler lieten installeren. Er zijn nieuwe kippen, voor de eieren en om het keukenafval te verwerken en om naar hartenlust te scharrelen. De moestuin is verdwenen onder het bouwsel van mijn zoon, maar misschien begin ik – als ik ooit eens vijf minuten tijd heb – aan een nieuwe, tenzij er weer een boze wolk komt.

    Na al deze private ontboezemingen wil ik u ook meedelen dat, mocht u het nog niet vernomen hebben, we met ODE ook verhuizen. Naar een gebouw dat energetisch veel beter is dan het oude en waar er ruimte is om degelijk te vergaderen. U mag u dus verwachten aan een stroom van mensen die wijzen naar waar het te gebeuren staat en die je het gevoel zullen geven dat je er bij moet zijn. De inkom is gratis, dus je hoeft niet te wachten tot de tweede helft om binnen te komen. En we zorgen voor een zitplaats en een goede sfeer, waar we verder kunnen werken aan meer, veel meer hernieuwbare energie.

    Bart Bode